Bijna twee op de drie werknemers vreest snel financiële problemen bij job verlies


Een job verliezen betekent niet alleen professionele onzekerheid. Voor veel werknemers kan het ook bijzonder snel financiële gevolgen hebben. Uit een onderzoek bij 1.003 werkende Belgen blijkt dat 63% verwacht binnen drie maanden in financiële moeilijkheden te komen wanneer ze hun job zouden verliezen. Vooral jongere werknemers lijken kwetsbaar. Bij de 18- tot 34-jarigen zegt 70% binnen drie maanden problemen te verwachten. Bij werknemers tussen 35 en 54 jaar gaat het om 62% en bij 55-plussers om 47%.

De cijfers komen uit een onderzoek dat in opdracht van HR- en payrollbedrijf Deel werd uitgevoerd door onderzoeksbureau Markteffect. Ze geven geen volledig beeld van de financiële situatie van alle Belgische gezinnen, maar tonen wel hoe sterk financiële onzekerheid leeft bij een aanzienlijke groep werknemers.

Werken betekent niet automatisch financiële zekerheid

Het opvallende aan de resultaten is dat de financiële kwetsbaarheid niet alleen zichtbaar wordt wanneer iemand zijn baan daadwerkelijk verliest. Ook werknemers die gewoon aan het werk zijn, ervaren financiële druk. Bijna de helft van de respondenten noemt de stijgende voedingsprijzen (48%) als bron van financiële stress. Energiekosten volgen met 47% en 43% maakt zich zorgen over onverwachte grote uitgaven.

Maar liefst 87% van de bevraagde werknemers zegt gedurende de voorbije twee jaar uitgaven te hebben teruggeschroefd als gevolg van de inflatie. Dat gebeurde vooral op vrijetijdsbesteding, sparen, boodschappen en grotere aankopen. Dat laatste is niet onbelangrijk. Wie minder kan sparen om de dagelijkse kosten te blijven betalen, bouwt ook minder financiële reserve op. Daardoor kan een onverwachte gebeurtenis – ziekte, relatiebreuk, een grote herstelling of jobverlies – sneller tot problemen leiden.

Wachten op het loon om facturen te betalen

Ook andere resultaten wijzen op een beperkte financiële ademruimte. 63% van de respondenten geeft aan soms facturen uit te stellen tot het loon op de rekening staat. Daarnaast zegt 61% al eerder dan gepland spaargeld te hebben aangesproken om dagelijkse uitgaven te betalen.

Dat betekent niet noodzakelijk dat al deze werknemers problematische schulden hebben. Het toont wel aan dat er bij een deel van de werknemers weinig marge bestaat tussen inkomsten en uitgaven. Financiële zekerheid gaat immers niet alleen over hoeveel iemand verdient. Ook vaste kosten, gezinssituatie, huisvesting, schulden, spaargeld en onverwachte uitgaven bepalen hoeveel buffer iemand werkelijk heeft.

Financiële onzekerheid beïnvloedt ook loopbaankeuzes

Geld speelt vanzelfsprekend een rol bij beslissingen over werk. Toch toont het onderzoek een interessante paradox. Meer werken betekent voor werknemers niet altijd dat zij het gevoel hebben er financieel voldoende op vooruit te gaan.

Meer dan de helft van de respondenten (51%) zegt al eens overwogen te hebben minder uren te werken omdat de financiële opbrengst van extra werken volgens hen te beperkt is. 19% geeft aan daadwerkelijk bewust minder te werken om die reden. Van de werknemers die overwogen hun arbeidsduur te verminderen, noemt 34% de belasting op bijkomende inkomsten als belangrijkste reden. Voor 27% weegt de extra financiële opbrengst onvoldoende op tegen het verlies aan vrije tijd. Daarnaast kunnen ook kinderopvang, verplaatsingskosten en veranderingen in bepaalde sociale voordelen een rol spelen. De beslissing om meer of minder te werken is daardoor zelden uitsluitend een rekensom van het brutoloon.

Wat levert een extra werkdag werkelijk op?

Voor werknemers is uiteindelijk vooral het verschil tussen de totale opbrengsten en kosten relevant. Een extra werkdag kan meer brutoloon opleveren, maar tegelijkertijd ook bijkomende kosten veroorzaken. Denk aan kinderopvang, woon-werkverkeer, maaltijden buitenshuis of andere werkgerelateerde uitgaven.

Daarnaast speelt tijd een steeds belangrijkere rol. Een werknemer vergelijkt niet alleen inkomen met inkomen, maar ook extra inkomen met de tijd en flexibiliteit die daarvoor worden opgegeven. Dat helpt verklaren waarom twee werknemers met een vergelijkbaar loon toch tot een totaal andere beslissing over hun arbeidsduur kunnen komen. Voor de ene persoon kan voltijds werken financieel noodzakelijk zijn. Voor iemand anders kan vier vijfde werken aantrekkelijker worden wanneer het verschil in besteedbaar inkomen relatief beperkt is en de gewonnen vrije tijd zwaar doorweegt.

Financiële stress stopt niet aan de deur van de werkplek

Financiële onzekerheid is bovendien niet uitsluitend een privéprobleem. Wie zich voortdurend zorgen maakt over facturen, energieprijzen, boodschappen of onverwachte kosten, neemt die bezorgdheid onvermijdelijk mee naar het werk. Financiële stress kan beslag leggen op aandacht en mentale ruimte. Wanneer iemand voortdurend moet rekenen of er voldoende geld beschikbaar is tot de volgende loonbetaling, wordt het moeilijker om financiële zorgen volledig los te koppelen van het dagelijkse functioneren.

Voor werkgevers maakt dat financiële zekerheid tot een breder welzijnsthema. Dat betekent niet dat werkgevers verantwoordelijk zijn voor de volledige financiële situatie van hun werknemers. Wel kunnen organisaties nadenken over de manier waarop hun loonbeleid, voordelen, flexibiliteit en communicatie bijdragen aan de ervaren zekerheid van medewerkers.

Loon is maar één onderdeel van wat werknemers uit hun werk halen

De onderzoeksresultaten illustreren ook waarom werknemers steeds vaker naar het volledige pakket kijken wanneer zij een job beoordelen. Naast het brutoloon kunnen bijvoorbeeld maaltijdcheques, verzekeringen, mobiliteitsoplossingen, thuiswerkmogelijkheden, flexibiliteit, kinderopvangkosten en andere voordelen een verschil maken.

Maar ook niet-financiële aspecten wegen mee. Hoeveel tijd kost het woon-werkverkeer? Hoe voorspelbaar zijn de werkuren? Kan iemand werk combineren met een gezin of mantelzorg? Hoeveel autonomie is er? En hoeveel vrije tijd blijft er uiteindelijk over? Een job met een hoger brutoloon is daardoor niet automatisch de job die iemand financieel of persoonlijk als aantrekkelijker ervaart.

Jobverlies heeft daardoor meer dan één impact

Wanneer iemand zijn baan verliest, verdwijnen bovendien niet alleen loon en financiële zekerheid. Ook dagelijkse structuur, sociale contacten, professionele identiteit en toekomstperspectief kunnen onder druk komen te staan. Tegelijk ontstaat de noodzaak om relatief snel beslissingen te nemen over een volgende stap.

En net daar kan financiële kwetsbaarheid een belangrijke rol spelen. Wie over voldoende financiële reserve beschikt, heeft doorgaans meer ruimte om verschillende mogelijkheden te onderzoeken. Wie weet dat binnen enkele maanden financiële problemen dreigen, kan veel sterker onder tijdsdruk komen te staan. De vraag wordt dan niet alleen: “Welke job past bij mij?”, maar ook: “Hoe snel heb ik opnieuw een inkomen nodig?” Dat kan de ruimte voor opleiding, omscholing of een grondige heroriëntering beperken.

Financiële veerkracht hoort ook bij duurzame loopbanen

We spreken bij duurzame inzetbaarheid vaak over competenties, gezondheid, motivatie en werkvermogen. Financiële veerkracht krijgt daarbij veel minder aandacht. Toch hangen deze elementen met elkaar samen.

Een werknemer die voldoende financiële ademruimte heeft, kan gemakkelijker investeren in opleiding, tijdelijk minder werken, een andere functie zoeken of bewust een loopbaantransitie maken. Wie nauwelijks financiële buffer heeft, beschikt over veel minder bewegingsruimte. De cijfers uit dit onderzoek vertellen daarom een ruimer verhaal dan alleen dat van de koopkracht. Ze laten zien hoe inkomen, financiële zekerheid, welzijn en loopbaankeuzes met elkaar verweven zijn.

In een arbeidsmarkt waarin werknemers steeds vaker worden aangemoedigd om zich om te scholen, langer te werken en tijdens hun loopbaan van functie of sector te veranderen, verdient ook die financiële dimensie aandacht. Want wendbaar zijn op de arbeidsmarkt vraagt niet alleen vaardigheden en motivatie. Het vraagt soms ook voldoende financiële ruimte om daadwerkelijk een andere keuze te kunnen maken.

Bron: Deel & Markteffect (2026). Onderzoek bij 1.003 in België werkzame, maandelijks betaalde werknemers. Veldwerk uitgevoerd van 13 tot 22 april 2026. De steekproef werd samengesteld op basis van geslacht, leeftijd en regio. Gerapporteerde maximale foutenmarge: 3,1% bij een betrouwbaarheidsniveau van 95%. FinInfo (15 september 2026), Bijna twee op de drie Belgische werknemers komt binnen de drie maanden in financiële problemen bij jobverlies.

Meest Recente Posts

Contact

Hoe kunnen we u helpen?

Met veel plezier beantwoorden wij al jouw vragen. Een afspraak maken? Verkennen wat mogelijk is?

Blog

In de kijker

Nieuwsbrief

Abonneer u op de nieuwsbrief

Schrijf u in op de nieuwsbrief en blijf als eerste op de hoogte van ons laatste nieuws!

NIEUWSBRIEF

Abonneer u op de nieuwsbrief

Bekijk de vorige updates