Belgische arbeidsmarkt blijft veerkrachtig, maar staat voor grote veranderingen
De Belgische arbeidsmarkt houdt voorlopig behoorlijk stand, ondanks de zwakkere economische groei. Toch staan we de komende jaren voor belangrijke veranderingen. Digitalisering en artificiële intelligentie, de overgang naar een koolstofarmere economie en de vergrijzing zullen niet alleen jobs veranderen, maar ook meer beweging tussen beroepen en sectoren noodzakelijk maken.
Dat blijkt uit de Stand van zaken op de arbeidsmarkt in België en in de gewesten, die de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid (HRW) eind september 2026 publiceerde.
Economische groei vertraagt
De Belgische economie groeide in 2025 nog met 1%. Voor 2026 wordt een beperktere groei van ongeveer 0,6% verwacht. Onder meer geopolitieke spanningen en hogere energieprijzen wegen op de economie.
Ook de arbeidsmarkt voelt die vertraging. De werkgelegenheid blijft wel toenemen, maar minder snel dan voorheen. In 2025 steeg de binnenlandse werkgelegenheid met 0,4%. Die groei situeerde zich vooral in de dienstensector en de niet-marktactiviteiten. In de industrie gingen banen verloren en ook de bouwsector staat onder druk.
Grote verschillen tussen Vlaanderen, Wallonië en Brussel
De Belgische werkgelegenheidsgraad bij 20- tot 64-jarigen bedraagt inmiddels 72,8%. Daarmee blijft België nog een eind verwijderd van de doelstelling van 80% tegen 2030.
Bovendien zijn de regionale verschillen aanzienlijk. Vlaanderen haalt een werkgelegenheidsgraad van 77,3%, tegenover 67,9% in Wallonië en 63,9% in Brussel.
Tegelijk neemt de werkloosheid opnieuw toe. In 2025 kwamen er ongeveer 30.000 werkzoekenden bij. De werkloosheidsgraad steeg van 5,8% in 2024 naar 6,2% in 2025. Voor 2026 werd in de aangehaalde macro-economische projecties een verdere stijging tot 6,6% verwacht.
Hervormingen zetten extra druk op activering
Tegelijk wordt de arbeidsmarkt beïnvloed door verschillende grote federale hervormingen. Het gaat onder andere om de pensioenhervorming, nieuwe maatregelen rond langdurige arbeidsongeschiktheid en de hervorming van de werkloosheidsuitkeringen.
Vooral die laatste hervorming heeft een grote impact. De werkloosheidsuitkering wordt niet langer potentieel onbeperkt in de tijd toegekend, maar wordt afhankelijk van het beroepsverleden beperkt tot maximaal twee jaar. Volgens de Hoge Raad heeft deze hervorming betrekking op meer dan 200.000 personen.
Ook voor jongeren verandert er veel. De maximale duur van de inschakelingsuitkering wordt teruggebracht van drie jaar naar één jaar. Jongeren zonder diploma hoger secundair onderwijs zullen er bovendien geen recht meer op hebben.
De eerste effecten van deze hervormingen op de terugkeer naar werk worden inmiddels onderzocht. De Hoge Raad benadrukt wel dat het nog te vroeg is om daar definitieve conclusies uit te trekken.
Niet alleen méér mensen aan het werk, maar ook meer beweging
Een opvallend element in het rapport is dat het arbeidsmarktbeleid volgens de Hoge Raad niet alleen gericht moet zijn op het verhogen van de werkzaamheidsgraad. Ook beroepsmobiliteit wordt steeds belangrijker.
Jobs verdwijnen, nieuwe functies ontstaan en bestaande beroepen veranderen. Werknemers zullen daardoor vaker tijdens hun loopbaan van functie, beroep of zelfs sector moeten veranderen.
De Hoge Raad wijst daarbij op verschillende groepen waarvan de arbeidsmarktparticipatie verder kan worden versterkt, waaronder jongeren, ervaren werknemers, mensen met een migratieachtergrond, personen met een handicap, langdurig zieken en vrouwen.
Opleiding wordt steeds belangrijker
Wie langer actief moet blijven op een snel veranderende arbeidsmarkt, heeft mogelijkheden nodig om kennis en vaardigheden voortdurend bij te sturen.
Permanente opleiding wordt daarom steeds belangrijker. Net daar stelt zich echter een probleem: kortgeschoolden, werkzoekenden en mensen die niet actief zijn op de arbeidsmarkt nemen minder vaak deel aan opleidingen, terwijl zij er juist veel baat bij kunnen hebben.
De Hoge Raad pleit daarom voor een efficiënter systeem van permanente opleiding en voor ondersteuning bij omscholing. Opvallend is ook het voorstel om werknemers vanaf 40 jaar recht te geven op een overzicht van hun vaardigheden.
Zo'n competentie- of vaardighedenbalans kan mensen helpen om niet pas over hun loopbaan na te denken wanneer hun job verdwijnt of wanneer werken moeilijk wordt, maar veel vroeger stil te staan bij hun mogelijkheden op de arbeidsmarkt.
Loopbaantransities worden een normaal onderdeel van werken
De arbeidsmarkt van de toekomst lijkt steeds minder op een systeem waarin iemand een beroep kiest en dat vervolgens gedurende zijn volledige loopbaan blijft uitoefenen.
Technologische ontwikkelingen, artificiële intelligentie, klimaattransitie en demografische veranderingen zorgen ervoor dat functies veranderen en competenties sneller moeten worden aangepast. Daardoor worden loopbaanontwikkeling, opleiding, heroriëntering en omscholing steeds belangrijker.
Ook mobiliteit speelt daarbij een rol. Niet iedere werkzoekende woont immers dicht bij de beschikbare jobs. De Hoge Raad wijst daarom op het belang van openbaar vervoer, mobiliteitsoplossingen van werkgevers en een betere samenwerking tussen de gewestelijke arbeidsbemiddelingsdiensten.
Van jobzekerheid naar loopbaanzekerheid?
Misschien is dat wel een van de belangrijkste boodschappen die uit het rapport naar voren komt. Op een veranderende arbeidsmarkt wordt het steeds moeilijker om zekerheid uitsluitend te koppelen aan één werkgever, één functie of één beroep.
Duurzame inzetbaarheid betekent steeds vaker dat mensen weten wat ze kunnen, welke competenties ze hebben, waar hun ontwikkelpunten liggen en welke alternatieven er op de arbeidsmarkt bestaan.
Loopbaanbegeleiding, competentieontwikkeling, opleiding en tijdige heroriëntering zijn daardoor niet alleen relevant wanneer iemand werkloos wordt. Ze kunnen juist helpen om problemen vóór te zijn en mensen gedurende hun volledige loopbaan wendbaar te houden.
De uitdaging voor België is dan ook groter dan simpelweg zoveel mogelijk mensen aan het werk krijgen. De komende jaren zal het er vooral op aankomen mensen voldoende kansen en ondersteuning te bieden om mee te bewegen met een arbeidsmarkt die zelf voortdurend verandert.
Bron: Hoge Raad voor de Werkgelegenheid (2026), Stand van zaken op de arbeidsmarkt in België en in de gewesten, september 2026.Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg (2026), Stand van zaken op de arbeidsmarkt in België en in de gewesten van de Hoge Raad voor de Werkgelegenheid, 30 september 2026

